
(Gaby, vertrouwenspersoon LTO Noord:)
GABY: Het is goed, zoals ik hier zie, dat de boeren op elkaar letten
en dat er melding wordt gedaan over wat zij zien en horen.
(Michel, politie:)
MICHEL: Sommige mensen melden iets over geuren,
dat ze iets ruiken, vreemde geuren, veelal anijsgeuren,
soms dat er ongure personen in hun omgeving rondrijden.
Ik ben als vertrouwenspersoon de verbindende factor
tussen de boeren en de politie.
Ik ben vooral een luisterend oor, dus dat ze hun verhaal en zorgen kwijt kunnen
en dat ze dat in vertrouwen aan mij kunnen vertellen.
Dat voelt een beetje als een van hen.
Heel veel boeren stoppen ermee.
Ze hebben grote percelen, grote schuren, die komen leeg te staan.
Het heeft veel geld gekost.
Dat zijn ook kansen voor criminelen om criminele activiteiten te ontplooien.
Ik geef veel voorlichting aan boeren, maar ook inwoners uit het buitengebied.
Dan vertel ik over signalen van criminaliteit.
Wat kunnen ze zien, horen of eventueel ruiken?
Als ik dan voorlichting heb gegeven, vallen sommige puzzelstukjes op hun plaats.
Ik denk dat ik al tachtig voorlichtingsbijeenkomsten heb gehad
en ik ben maar één keer naar huis gegaan dat er niks speelde in het buitengebied.
Op het moment dat je een verdachte situatie ziet, of een wit busje,
denk ik dat je vooral je telefoon erbij moet pakken,
je telefoon in de fotomodus zetten en foto's maken daar waar kan.
Vooral het signalement onthouden van de personen die je ziet.
Eventueel een kenteken, een kenteken is ook heel erg belangrijk.
De kleur van het busje is heel fijn, het tijdstip is heel belangrijk.
Vervolgens, als je die informatie hebt, moet je bellen met het landelijke nummer.
Als je een onderbuikgevoel hebt, ga vooral in gesprek met eventueel buren,
heb het erover van: hoe kan ik hiermee omgaan?
Ik voel me niet veilig, welke weg kan ik het beste bewandelen?
Je hoeft niet direct je informatie te delen met de politie,
maar je hebt ook een vertrouwenspersoon waar je informatie mee kan delen.